Een circus zonder clown graag

Een circus zonder clown graag

16/04/2021 0 By Sietse Fliegen

Jawel hoor, we hebben er weer één. Na jaren waarin het wat dit betreft niet helemaal meezat vallen we weer eens met onze neus in de boter. Een rasechte, een zuiverheidspercentage van tegen de 100%. Wie had daar nog van durven dromen? De FIA heeft nog geprobeerd om ons er voorgoed van af te laten kicken, het verwerven van een superlicentie voor de aanstormende “talenten” is tegenwoordig onderhevig aan resultaten uit het verleden. Gelukkig werken de wijzigingen die de autosportbond doorvoert vaker niet dan wel, en zo worden we dit jaar wel heel erg verwend. We lijken namelijk al af te stevenen op een spannende strijd om de titels, maar dit jaar worden we ook getrakteerd op een welkome bonus. Terug van weggeweest, de paydriver met de hoofdletter P! De paydriver zoals deze, volgens de uitvinding, ooit bedoeld is.

Photo by Mark Thompson // Getty Images // Red Bull Content Pool

Het ontstaan van dit fenomeen is overigens niet meer dan logisch, ik wil het concept paydriver dan ook niet tekort doen. De Formule 1 is een miljoenenverslindende bezigheid, die miljoenen moeten natuurlijk ergens vandaan komen. De verdeling van de televisiegelden en de overige inkomsten geschieden inmiddels op een wat meer gelijke wijze waardoor alle teams netjes uit de ruif mee kunnen eten. Toch zijn de verschillen natuurlijk nog immens. Hoewel de invoer van de welbekende budget cap een feit is kunnen de teams een extra bijdrage uit de portemonnee van de coureur nog altijd goed gebruiken. Er zijn meerdere teams die helemaal geen rekening hoeven te houden met de maximale besteding, simpelweg omdat het budget van deze teams niet in de buurt komt van de opgelegde maximale besteding. We noemen deze teams; de laagvliegers. Het is van alle tijden, het zal waarschijnlijk ook nooit veranderen.

Met slechts 20 beschikbare stoeltjes en een veelvoud aan coureurs die meent in aanmerking te komen voor een glansrijke Formule 1 carrière moet je als “talent” je strijdplan soms wat verleggen. Het begint in de basis allemaal met het neerzetten van klinkende prestaties in de opstapklassen. Vervolgens werk je jezelf gestaag op waarna de Formule 1 teams niet meer om je heen kunnen. Althans, dat is het idee. In werkelijkheid combineer je als “talent” het neerzetten van goede prestaties in deze opstapklassen met het zoeken naar geld. Geld waarmee je je prestaties compenseert. Geld waarmee je kan aankloppen bij de armlastige Formule 1 teams. Als een ware Robin Hood ben jij de man die voor een miljoeneninjectie zorgt. Het enige dat je daar graag voor terug wenst is een racestoeltje. Een racestoeltjes dat je eigenlijk ook gewoon verdient op basis van je ongekende prestaties en ruwe snelheid. Je bent immers een racende zak geld, en een hele snelle ook. Tenminste, dat is hoe je er als een coureur zelf naar kijkt. Formule 1 is topsport, en in topsport is alles geoorloofd. Jezelf naar binnenwerken met gouden dukaten dus ook. En laten we wel wezen, er zijn natuurlijk verschillende coureurs geweest die op deze wijze het voortbestaan van een Formule 1 team gewaarborgd hebben.

Roy Nissany © Williams

Ze zijn van alle tijden. We moeten terug naar 2001, het seizoen waarin we voor het laatst een Argentijn op de grid konden zien. Gaston Mazzacane heeft in het jaar 2000 een volledig seizoen afgewerkt bij Minardi. Dit kleine Italiaanse team fungeerde gedurende de wintermaanden als een soort veilinghuis, de stoeltjes werden jaarlijks per opbod verkocht. Mazzacane beleefd tijdens de Amerikaanse Grand Prix een glorieus moment; in zijn Minardi weet hij Mika Hakkinen op de baan in te halen. De banden van de tweevoudig wereldkampioen waren tot op de draad versleten, maar een beetje romanticus laat dat achterwege. Stijf van de adrenaline, hij heeft in zijn Minardi een wereldkampioen ingehaald, komt onze Gaston een paar ronde later binnen voor een setje vers rubber. In zijn euforie vergeet hij te remmen en kegelt hij de complete pitcrew omver. Toch verwerft hij, lees: zijn zak geld, in 2001 opnieuw een racezitje. Het noodlijdende team van Alain Prost heeft wel oren naar de Argentijnse centen, na vier races wordt hij echter vervangen als gevolg van zijn nogal tegenvallende resultaten. De Grand Prix van Australië in 1994, we zien een debutant. Jean-Denis Deletraz mag instappen na het overmaken van een scheepslading dollars. Hij finisht de race met 10 ronden achterstand. Hij finishte in ieder geval wel, dat was voor Pacific voldoende reden om hem een racecontract aan te bieden in 1995. Nadat de er eerst weer netjes betaald was startte hij de eerste race van het seizoen. Na drie ronden had hij een achterstand van veertig seconde op de leider. In ronde 14 vond hij het wel mooi geweest. Hij kreeg wat kramp in zijn armen en parkeerde zijn Pacific met de neus vooruit in de pitbox. Nog eentje doen dan? Yuji Ide, de guitige Japanner was van een bedroevend niveau. Een dermate bedroevend niveau dat de FIA besluit om in te grijpen. Tijdens zijn race, of beter gezegd zijn aanwezigheid, op het circuit van Imola caramboleert hij Christijan Albers van het asfalt. De FIA grijpt hard in en pakt de Japanner zijn superlicentie af, een ingreep die nog nooit eerder vertoont is. Helaas hebben we nooit een reactie van Yuji mogen vernemen, de man sprak namelijk geen woord Engels. Dat voelt toch een beetje hetzelfde als met een blinde naar de bioscoop gaan. En dan hebben we natuurlijk nog Ricardo! Ricardo Rosset, onlangs las ik eens dat hij Formule 3000 kampioen geweest zou zijn. Een vrij matige constatering, de olijke Braziliaan heeft een tweede plaats in dit kampioenschap als beste notering staan. De man straalde niet echt uit dat hij op autoracen zat en kon weinig potten breken. Met tassen vol geld krijgt hij het echter voor elkaar om tot een respectabel aantal racestarts te komen. Iconisch zijn de beelden van deze geweldenaar op het stratencircuit van Monaco.

Door Morio – Eigen werk, CC BY-SA 4.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=63879065

Terug naar het heden, a new kid in town! We hebben hem te pakken. Eindelijk is er iemand opgestaan die een poging gaat wagen om nog meer meters achterstevoren op het circuit af te werken dan de hierboven benoemde “talenten”. Vrije training 3 te Bahrein, Kwalificatie te Bahrein, de eerste ronde van de race te Bahrein en vrije training 1 te Italië. In de laatstgenoemde sessie zelfs tweemaal. Eenmaal tijdens zijn eerste ronde en eenmaal toen de vlag al uithing. De tweede vrije training staat op het moment van typen voor de deur, eens kijken of Nikita Mazepin in staat is om zijn Haas te temmen en hem een hele sessie in het juiste spoor kan houden. Het liefst gecombineerd met een beetje snelheid. Ik mag er inmiddels van uitgaan dat Nikita van zijn team te verstaan heeft gekregen dat de term Formule 1 circus berust op beeldspraak. Nu hoeven we hem alleen nog maar uit te leggen dat er in dit circus geen plaats is voor een clown.

Like (3)